|
 |
Olivier loopt de school uit en vraagt aan mama: "Mama de juffrouw zei dat
het morgen dierendag is. We gaan praten over de dieren die daar wonen.
Waarom wonen de dieren daar eigenlijk?". "Ik denk dat je beter tot morgen
kan wachten, dan gaat de juffrouw je vertellen waarom er dieren in een
asiel wonen". Helaas is Olivier met zijn gedachte alleen maar bij dieren
die in een asiel wonen en vraagt meteen aan papa als die thuis komt waarom
er dieren in een asiel wonen. Mama komt tussen het gesprek in en vertelt
aan papa dat Olivier morgen op school aandacht aan gaat besteden en dan
hij het dan niet aan papa moet vragen.
De volgende morgen op school
staan er in het lokaal allemaal knuffels. Olivier ziet katten, honden,
giraf, muisje, koalabeer en zo nog heel veel andere knuffels.
De kinderen gaan als eerste een knutselopdrachtje doen, de juf heeft
verschillende dieren getekend en die mag je in kleuren. Na het in kleuren
mag je het dier uitknippen en op een fel gekleurd vel plakken.
Daarna worden alle platen aan een wijslijn in het lokaal opgehangen.
"Voordat we zo pauze gaan nemen wil ik heel graag dat we het lokaal
opruimen, na de pauze komt er een mevrouw van het dierenasiel iets
vertellen over de dieren daar", zegt de juf. Eigenlijk willen de
kinderen niet meer met pauze want wat zal de mevrouw allemaal gaan
vertellen en heeft ze misschien ook wel dieren bij zich. Na de pauze
blijkt dat de mevrouw geen dieren mee heeft genomen, wel foto’s en
plaatsjes.
De kinderen zitten vol verwachting in een kring te wachten wat de mevrouw
gaat vertellen. "Goedemorgen jongens en meisjes. Ik ben Elra van het
dierenasiel. Vandaag ga ik jullie iets vertellen over de dieren die in het
asiel zijn. We hebben verschillende dieren in het asiel. De meeste dieren
zijn katten en honden. Toch zijn er ook konijnen, cavia’s, vogels en
reptielen. De meeste beesten die bij ons zijn, zijn er gekomen omdat het
baasje ze niet meer wil. Ze brengen ze dan bij ons en willen heel graag
dat wij een ander huisje zoeken. Maar niet iedereen wil een beestje in
huis.
Wie van jullie hebben dieren in huis", vraagt Elra. Een aantal kinderen
steken de vinger in de lucht, maar er blijven er ook veel beneden. "De
kinderen die de vinger niet op hebben gestoken mag ik vragen waarom die
geen dieren hebben?", vraagt Elra. Al snel vertellen de kinderen om de
beurt dat dit komt omdat papa of mama geen dieren willen, of omdat iemand
er niet tegen kan en ziek wordt."Wie van jullie heeft er wel is een
diertje uit het asiel opgehaald", vraagt Elra. Geen één kindje steekt een
vinger op. "Als jullie een nieuw huisdier nemen dan halen jullie ze op bij
hun mama, uit het nestje?".
De kinderen die knikken en sommige vertellen dat je dan bij iemand thuis
mag komen en een beestje uitzoeken. Die blijft dan bij de mama tot hij
groot genoeg is om dan mee te gaan naar een nieuw huisje met nieuwe
baasjes. Elra vraagt aan de kinderen wat voor huisdieren ze hebben en
hoort dat de meeste kinderen een hond of kat/poes hebben. Dat ze allemaal
heel lief zijn en zij ook voor hun dier. "Als jullie met vakantie gaan,
mag dan het diertje meer of gaat die op naar iemand anders", vraagt Elra.
Al snel komt Elra erachter dat het heel erg verschilt. Het ene huisdier
mag wel mee de ander gaat naar opa en oma of een ander logeeradres. "Komen
er dieren in het asiel voor de vakantie?"vraagt Olivier. "Nee helaas is
het zo dat de dieren bij ons niet op vakantie komen. De dieren in het
asiel zijn er omdat de mensen ze niet meer willen of dat de dieren op
straat zijn gevonden", vertel Elra. "Dieren op straat gevonden?", vraagt
een leerling. "Ja, het komt wel is voor dat een diertje van huis weg is
gelopen. Hij kan zijn huisje niet meer vinden en wandelt dan over straat.
Dat kan niet en mag ook niet, de mensen die hem dan vinden bellen naar het
asiel op en wij gaan ze dan ophalen. In het asiel gaan we ze in bad doen,
krijgen een eigen hokje en te eten en drinken.
We zetten op een lijst neer wat voor diertje het is want als er gebeld
wordt en mensen vragen of hun diertje is gevonden kunnen wij op de lijst
kijken en zeggen of het diertje er wel of niet is.". "Mogen ze dan wel
weer naar huis", vraagt Peter. "Ja als de baas heeft gebeld en wij hebben
gezegd dat het diertje bij ons is kunnen ze die komen ophalen. Dan gaat
hij weer mee naar huis. Het komt ook wel voor dat de dieren niet opgehaald
worden en dan blijven ze bij ons in het asiel. Op dierendag is het asiel
open voor iedereen en dan kan je komen kijken of je een leuke diertje vond
die mee wilt nemen naar huis. Zo krijgen dieren uit het asiel ook een
nieuw huisje met baasje. Als alle dieren altijd in het asiel zouden zijn
is het asiel zo vol en er geen diertje meer komen", vertel Elra. De
kinderen zitten te luisteren naar wat Elra allemaal te vertellen heeft.
Het is ook zo spannend om te horen wat er allemaal in het asiel gebeurt.
Tijdens het vertellen laat Elra plaatjes zien van dieren die in het asiel
zijn. De kinderen kijken erna en geven soms aan dat hun hond of kat/poes
erop lijkt: We hebben er ook zo één, is dan het antwoord. Als het bijna
tijd is dat Elra weer weg gaat vraagt ze aan de kinderen of ze aan hun
papa en mama willen vragen als ze een diertje willen ook in het asiel
komen kijken. Daar zijn zoveel lieve beestjes die je mee mag nemen.
Olivier is helemaal onder de indruk van de verhalen die Elra heeft verteld
dat zodra hij mama buiten ziet staan meteen vraagt of ze ook een diertje
mogen hebben. Mama legt aan Olivier uit dat je niet zomaar een diertje kan
nemen. Papa moet het ook goed vinden en dan moet je kijken of het wel kan.
Papa is maar net binnen of Olivier begint al aan papa te vragen of ze
morgen niet naar het asiel kunnen om een diertje te halen. Hij vertel aan
tafel waarom de dieren in een asiel zijn en dat ze ook door hun baasje
niet op gehaald worden en dat er héél veel lieve dieren zijn die een nieuw
huisje willen hebben. Papa en mama vinden het wel gezellig als er een
dier in huis komt dus de volgende dag gaan ze naar het asiel. Als Olivier
bij het asiel kot ziet hij Elra staan. "hallo, we komen een beestje
halen", zegt hij tegen haar. Elra kijkt naar de papa en mama van Olivier
en verteld welke dieren er zijn en dat ze rond mogen lopen, als ze weten
welk dier ze willen meenemen mogen ze Elra roepen. In het asiel zitten
zoveel honden, katten en poezen dat ze eigenlijk niet weten welk dier ze
zullen nemen. Mama wil heel graag een hond en papa eigenlijk ook. In een
hokje zit een hele lieve hond. Als de mensen voorbij lopen blaft hij niet,
maar kwispelt met zijn staartje. Als Tess bij het hokje staat en daar hand
uitsteekt begint hij eraan te likken. "Dit is de hond die we nemen", roept
mama. "Hij is lief, kijk maar hij likt zo aan Tess haar had. Ga de mevrouw
maar roepen, Olivier dat we de hond nemen". Olivier loopt naar Elra en
zegt dat ze een hond meenemen. Mama en papa praten nog met Elra en spreken
af dat ze de volgende dag de hond komen halen. Mama kan dan nog naar de
dierenwinkel om een mand en eten te kopen. Als ze weg gaan bedankt Elra
Olivier dat hij heeft verteld dat je ook een dier uit het asiel kan nemen.
De volgende dag haalt papa de hond op en thuis is hij meteen aan het
rennen en is lief voor kinderen. Als de kinderen buiten spelen let de
hond, die de naam TEX, heeft goed op. Als er iets gebeurt blaft hij zodat
mama wet dat er iets is,verder zal je Tex niet horen. Het gaat heel goed
met Tex en de kinderen en papa en mama zijn blij dat ze een hond uit het
asiel hebben genomen.
En Olivier… die vertelt tegen iedereen dat er een hond is gekomen omdat
hij op school heeft geleerd dat je ook een dier uit het asiel kan halen.
En verteld dan tegen iedereen dat je naar het asiel kan gaan en zomaar een
diertje mee mag nemen.
© Radna 2002 voor speelzolder.com
|
|