De koker met roodbruin papier omwikkelen. Teken alle onderdelen over op papier. Snijd de kop, de onderkaak en de poten uit roodbruin papier. De oren en staart uit roodbruin papier. De tong uit rood papier. De ogen zijn zwarte cirkels van 2,5 cm doorsnede, het ooglid een doorgesneden cirkel van 2,7 doorsnede (zie ook de ruitjestekeningen). Als je alles hebt uitgeknipt/gesneden zet je de kop in elkaar. Plak de onderkaak op de koker, de tong op de onderkaak. Plak de kop op de koker. Zet de ogen tegen de kop en de oogleden op de ogen. Knip de oren en de staart in en krul de reepjes met een schaar als cadeaulint. Plak de oren tegen de kop , en de staart midden achter tegen het lijf. Plak de poten tegen de zijkant van het lijf.