|

 |
Wat heb je nodig:
- Houten klosje van garen (misschien heeft je
moeder, buurvrouw of oma er één)
- Stuk of 8 kleine spijkertjes
- Hamer
- Restjes wol (liefst dunne) kleur maakt niet
uit
- Haaknaald met dunne kop
- Stopnaald
Tik aan één kant van het klosje de spijkers met een afstand van
ongeveer een pinkdikte.
Let erop dat de spijkertjes er maar net in zitten en ze ongeveer nog een
centimeter boven het klosje uitsteken.
Maak aan het begin van een draadje wol een lusje met een knoopje. Leg dit
lusje om één van de spijkertjes. Laat het uiteinde in het klosje
verdwijnen.
Leg de draad met de klok mee telkens om een spijkertje tot alle
spijkertjes voorzien zijn van een lusje. Leg nu de draad buiten langs de
spijkertjes maar boven de lusjes.
Pak je haaknaald en haal het eerste lusje over de draad die erboven ligt
en laat het over het spijkertje glijden. Er blijft nu een nieuw lusje
achter op het spijkertje. Nu doe je hetzelfde bij de andere spijkertjes.
Telkens leg je de draad weer boven het spijkertje. Is je draad op, knoop
er dan voorzichtig een nieuw draadje aan, maar zorg dat het knoopje binnen
in het breisel verdwijnt.
Als je lang genoeg bezig bent met het klosje-breien ontstaat er een mooi
koord dat uit de onderkant van het klosje verschijnt. Je kunt het zo lang
maken als je zelf wilt. Als je wilt afhechten doe je het uiteinde van de
draad in een stopnaald. Je rijgt nu door alle lusjes en haalt dan de
lusjes van de spijkertjes af. Trek goed aan en leg er een knoopje in. Je
koord is klaar.
Je kunt een mooi gekleurd koord maken maar natuurlijk kun je het koord ook
mooi oprollen tot er een soort matje ontstaat. Die kun je in elkaar zetten
door alles met naald en draad aan elkaar vast te maken. Weet je niet hoe
dat moet of vind je dat te moeilijk, vraag dan of iemand je daarbij helpt.
©2001 Merel |
|