|
|
De Lentebloemen Olivier en Martijn hebben vandaag een vrije dag omdat de juffrouw en meesters
van school een studiedag hebben. Voor alle papa’s en mama’s is dat niet handig
die hadden de dag al vol met afspraken.
Helaas kan dit gebeuren dus mama heeft oma gevraagd of ze op kan passen, omdat
papa en mama een afspraak hebben die ze niet af konden zeggen.
“Oma
mag ik in de tuin spelen?” vraagt Olivier. Oma vindt het goed: ”Neem je anders
Tess en Martijn ook mee?” vraagt ze nog. Olivier bedenkt eerst dat hij dan op
moet letten. Maar aan de andere kant kan hij dan met Martijn voetballen. “Ja,
is goed. Trekt u de jassen dan aan?” vraagt hij.
Buiten is het niet zo heel koud, toch houden Olivier en Martijn hun dassen en
muts goed op. “Olivier wil je voetballen? Als we dat hier doen dan kunnen we
Tess in de gaten houden.”, zegt Martijn. Want Tess is met haar fietsje op de
oprit bezig. Vanmorgen heeft papa het hek goed dicht gedaan dus er kan niemand
zomaar het pad aflopen. Olivier en Martijn maken een doel, zodat er met echte
scores gevoetbald kan worden. De jongens zijn druk aan het voetballen en Tess
vermaakt zich op haar fietsje.
Als Tess bijna vooraan is bij het hekje ziet ze in de tuin bloemetjes staan. Voor
Tess zegt een krokus of sneeuwklokje niks, een bloem is een bloem. Tess loopt
de tuin in zonder maar op te letten waar andere planten of bloemen staan. En
gaat de bloemetjes plukken. De jongens zijn zo druk dat die niet zien wat Tess
aan het doen is.
”Oké, het is nu al 5-3 voor mij”, roept Martijn. “Heb je eigenlijk gezien waar
Tess heen is?” vraagt Olivier aan Martijn. “Ja, ze was met haar fietsje naar
voren gefietst”, antwoord hij. “Maar ik zie haar nu niet, we gaan maar even
kijken”, zegt Olivier. De
jongens lopen naar voren maar zien Tess niet. “Tess waar ben je?” roepen de
jongens. Tess is inmiddels ver de tuin in gelopen en hoort haar broertjes
roepen. “Ja”, zegt ze dan opeens. De jongens kijken om en zien dat Tess in de
tuin loopt en allemaal bloemen in haar hand heeft. ”Wat heb je nu gedaan?”
vraagt Olivier. “Boeme pukke?!” zegt Tess. “Dat mag je helemaal niet doen. Nu
wordt mama boos”, zegt Martijn en kijkt Olivier aan. Met een sip gezicht staat
Tess naar haar broers te kijken. Net voordat Tess beginnen wil met huilen zegt
Olivier: “We gaan maar gauw naar oma toe”. Wat Olivier niet weet is dat oma
van binnen achter het raam al gekeken heeft en eigenlijk wilde zien hoe
Olivier dit op ging lossen. “Oma,
kom is. Tess heeft de bloemetjes uit de tuin geplukt”, roep Martijn als ze de
keuken binnen loopt. Oma komt kijken en begint te lachen als ze de kinderen in
de deuropening ziet staan. “Oma je mag niet lachen. Tess heeft bloemen geplukt
en nu wordt mama daar boos om”, zegt Olivier. “Mama, zal hier niet boos om
worden”, zegt ze “ik denk dat mama ze heel mooi vindt, hoor Tess”.
“Gaan jullie maar verder buiten spelen dan ga ik met Tess de bloemen in een
vaasje zetten”, zegt oma. De jongens gaan naar buiten toe en Martijn zegt:
”Dus je mag wel bloemen uit de tuin plukken. Mama zegt altijd dat je dat niet
mag doen?”. “Natuurlijk mag je geen bloemen uit de tuin plukken. Alleen hebben
wij niet goed op Tess gelet en ze weet niet, dat je bloemen in de tuin moet
laten staan”, zegt Olivier. Martijn denkt dat het wel goed zal zijn, hij weet
dat hij geen bloemen mag plukken uit de tuin. Druk
in de weer gaan de jongens verder voetballen tot ze een auto horen. Ze kijken
achterom en zien dat mama eraan komt. Het hek doet ze open en rijdt de auto
een stukje verder de oprit op. Ze is nog niet uitgestapt of Martijn vertel
haar dat Tess de bloemetjes uit de tuin heeft geplukt. “Oké, we gaan maar eens
naar binnen dan gaan we kijken hoeveel bloemetjes ze geplukt heeft”, zegt
mama.
Binnen laten de jongens zien welke bloemen er geplukt zijn. Als Tess ziet dat
de jongens aan haar bloemen zitten dan gilt ze: ”Ikke mij Tess”. “Ja Tess, het
zijn jouw bloemen Martijn en Olivier laten ze alleen maar even zien”, zegt
mama op de gil aanval van Tess.
“Wij mogen toch geen bloemen plukken uit de tuin?” vraagt Martijn ”en waarom
Tess dan wel?”. “Dit heb ik toch al gezegd. Wij hebben niet goed op Tess
gelet, omdat we aan het voetballen waren, dus kon ze bloemen uit de tuin
plukken”, zegt Olivier. “Ik wil nu ook van die bloemen binnen hebben”, zegt
Martijn.
“Weet je wat we straks gaan doen”, zegt mama, “We gaan naar het tuincentrum en
mag je voor op je kamer lentebloemen kopen”. “Wat zijn lente bloemen?” vraagt
Olivier. “Dat zijn de bloemen die Tess uit de tuin heeft geplukt” zegt oma.
“En die kan je ook nog kopen in dat centrum?” vraagt Martijn. “Ja, ze hebben
daar kleine en grote potten met lentebloemen erin. We zullen wel kijken en dan
kan je die uitkiezen voor op je kamer”, zegt mama. “Gaat oma ook mee?” vraagt
Olivier. Oma wil wel mee, dus na een boterham gaan ze naar het tuincentrum.In
het tuincentrum staan heel veel potjes met lentebloemen: krokussen, narcissen,
hyacinten en sneeuwklokjes. De jongens staan te kijken welke bloem ze nu heel
mooi vinden voor op hun kamer.
Uit eindelijk besluit Olivier een potje met krokussen te nemen, Martijn neemt
sneeuwklokjes en Tess mag nog een klein potje met narcissen nemen. Oma en mama
nemen ook mee maar dan grote potten, die kunnen later als ze binnen
uitgebloeid zijn gewoon de tuin in.Bij
de kassa legt Olivier aan de mevrouw uit voor wie elk potje is. De mevrouw
snapt niet waarom ze allemaal een potje krijgen maar dat vraagt ze niet. Thuis
gekomen mag Olivier en Martijn met een schoteltje naar hun kamer om het potje
neer te zetten. Mama zet later op de dag het potje voor Tess op haar kamer.
De potten van mama worden in de vensterbank en op de eettafel gezet.
“Papa, zie je die potten op tafel staan?” vraagt Olivier als papa net binnen
komt. Papa heft eigenlijk nog niet in de kamer gekeken en kijkt snel om zich
heen.”Ja, die daar op de eettafel staan?” vraagt hij nog even. ”Ja die. Tess
heeft die uit de tuin geplukt en later met mama hebben we nog meer gekocht in
het centrum voor bloemen”, legt Martijn uit. Papa snapt het verhaal van
Martijn niet helemaal maar als mama nog even mee helpt met het verhaal snapt
papa al snel wat er gebeurt is.
“En nu hebben jullie ze ook op je kamer staan?” vraagt papa. Olivier en
Martijn knikken. “Die moeten jullie dan elke dag een beetje water geven,
anders worden ze niet groter”, zegt papa. “Gaan we dat ‘s morgens doen of ‘s
avonds voor we naar bed gaan?” vraagt Olivier. “Ik denk dat we dit het beste
‘s avonds kunnen doen”, zegt mama . Elke avond tot de bloemen uit zijn
gebloeid. Verhaaltjes voorlezen wordt nu wel wat korter, maar dat vinden ze
niet erg. Op een avond vraagt Olivier aan mama:”Mama wanneer wordt het plantje
nu groter dat er bloemen aankomen?”. “Dan moet je het plantje goed water geven
elke avond en dan komen er bloemen uit. Kijk het knopje zit er al. Over een
paar dagen heb jij mooie bloemen, en die staan dan heel lang op je kamer. Als
ze uitgebloeid zijn mag je ze zelf in de tuin gaan zetten”, zegt mama. “Duurt
wel een beetje lang hé mam voordat de bloem komt”, zegt Olivier. “Ja, het
duurt lang, maar jij bent ook niet na 1 boterham heel groot geworden”, zegt
mama. En dat klopt Olivier was ook eerst een baby en nu een grote jongen.© Radna 2003 voor speelzolder.com
|
|